“Op een golfbaan moeten alle details kloppen” Nieuwe hoofdgreenkeeper brengt Golfclub Broekpolder in balans
In februari 2026 stelde Golfclub Broekpolder in Vlaardingen een nieuwe hoofdgreenkeeper aan. Die kreeg meteen een duidelijke opdracht mee. Na de volledige renovatie van zo’n drie jaar geleden, droomt het clubbestuur namelijk van een groot tornooi in 2030. “Zo’n ambitie vergt aandacht voor de kleinste details,” geeft Milan den Dikken aan, “maar vooral ook tijd.” Stap voor stap en met aandacht voor de lange termijn tracht hij de achttien holes van de ledenbaan nu in topvorm te brengen.
Voordat Milan den Dikken in februari als hoofdgreenkeeper bij Golfclub Broekpolder aan de slag ging, werkte hij vijftien jaar als greenkeeper voor aannemersbedrijf AHA de Man. Op Golfbaan Bentwoud leerde hij onder Kees IJsselstein eerst de fijne kneepjes van het vak, om vervolgens zeven jaar als hoofdgreenkeeper te werken, onder meer op De Hoge Dijk in Amsterdam. Tussendoor deed hij via The Ohio State University ook een jaartje ervaring op in de Verenigde Staten. “Daar heb ik wel geleerd hoe je naar zo’n tornooi toewerkt”, vertelt hij. “Al moeten we er qua onderhoud geen voorbeeld aan nemen. Alles wordt platgespoten en uiteindelijk verven ze de baan gewoon groen. Dat zal hier niet gebeuren. Het moet er netjes uitzien, maar een dichte en sterke grasmat is onze absolute topprioriteit.”
Grasbestand in evenwicht
Tussen 2021 en 2023 onderging Golfclub Broekpolder een volledige renovatie. Golfbaanarchitect Frank Pont zorgde voor een nieuw ontwerp en alle achttien holes werden met graszaadmengsels van DLF ingezaaid. Den Dikken: “De verwachting toen was blijkbaar dat een renovatie meteen tot een topbaan zou leiden, maar zo werkt het natuurlijk niet. Door een andere manier van werken en het ontbreken van bijvoorbeeld fairwayberegening vroeg de baan een andere aanpak. Zowel de greens als de fairways vertoonden veel open plekken en door de beperkte vochtregulatie hadden we last van onder meer mos, onkruid en straatgras.”
Om het grasbestand opnieuw op punt te stellen, ligt de focus nu in de eerste plaats op het doorzaaien met de juiste rassen. Voor de greens, waar vooral de druk van straatgras een probleem vormt, zoekt den Dikken samen met DLF nog naar de juiste grassoort. Op de fairways zal de aandacht verschuiven van veldbeemd naar Engels raaigras. “We willen een fijnbladig ras, dat wel sterk genoeg is om te concurreren met wat er vandaag zit”, verklaart hij. “Al wachten we wel nog even met doorzaaien tot de fairwayberegening binnenkort aangelegd is. Die zal ons toelaten om de bodem vochtig genoeg te houden én veel te bezanden.”
Langzaam sturen
Op het vlak van golfbaanonderhoud hanteert den Dikken een meer natuurlijke aanpak. Er wordt minder ingezet op stikstof, korrels worden vervangen door kleine giften vloeibare meststof (bladbemesting) en er wordt zo gericht mogelijk gespoten. Vanaf volgend jaar hoopt de hoofdgreenkeeper daarvoor zelfs gebruik te kunnen maken van een spotspray, om zo absoluut geen onnodige middelen meer te spuiten. Opdat de grasmat zich na enkele uitdagende jaren kan versterken, wordt de maaihoogte tijdelijk wat hoger ingesteld. “Ons gras heeft de voorbije jaren wel wat te verduren gekregen. Nu willen we het eerst wat rust geven. Pas wanneer het weer hersteld is, halen we de maaihoogte weer naar beneden.”
“Net zoals heel wat andere jonge greenkeepers beseft Milan den Dikken dat je niet alles in één jaar kan rechttrekken”, concludeert Erik Dolstra, specialist recreatiegrassen bij DLF. “Gras heeft tijd nodig. Je moet het langzaam sturen en op zoek gaan naar de balans. Die focus op de houdbaarheid en gezondheid van de grasmat is kenmerkend voor een nieuwe generatie greenkeepers en zorgt voor golfbanen met een duurzame kwaliteit.”